De Eerste Wereldoorlog hield Europa al een halfjaar in zijn greep toen het Amsterdamse weekblad Het Leven in januari 1915 een artikel publiceerde over ‘Tekeningen in de geïllustreerde pers’. In de oorlogvoerende landen verschenen tal van geïllustreerde uitgaven die veelvuldig gebruikmaakten van tekeningen, maar volgens het blad had de Nederlandse lezer weinig op met getekende illustraties. De nuchtere, waarheidlievende Hollander achtte tekeningen volstrekt onbetrouwbaar (‘tékenen kun-je alles’) en gaf de voorkeur aan de nimmer liegende foto. Het standpunt van de redactie van Het Leven was iets genuanceerder:
De onomstotelijke echtheid, waarheid, onpartijdigheid en eerlijkheid, die de foto eigen is en haar weergaloze sterkte, onaantastbare kracht als bewijsmateriaal, zal de tekening nimmer bereiken, omdat hier de realiteit en de fantasie lijnrecht tegenover elkander staan, maar ter ondersteuning van de verpozingslectuur, wat de illustratiejournalistiek toch boven al wenst te zijn, mag men ze welkom heten en hebben we niets dan bewondering voor de knapheid en de genialiteit waarmede te dezen opzichte pen en penseel gehanteerd worden.
(Amsterdam: de Arbeiderspers, 2017)
Een chronologisch overzicht van mijn boekenoeuvre. Het eerste, Siegfried Sassoon: Scorched Glory verscheen in een Engelse en Amerikaanse editie in 1997 en is een bewerking van mijn proefschrift uit 1993. Alle andere boeken zijn in het Nederlands en gaan over de Eerste Wereldoorlog – en met uitzondering van De Zwaardjaren en Vuistrecht en Wisselgeld dan ook nog eens voornamelijk over wat er in Nederland gebeurde tijdens de oorlogsjaren, of onmiddellijk daarna.